zondag 12 februari 2017
Luchtsaxofoon met saxofoon
Onlangs was ik saxofoon aan het spelen in het huis van mijn ouders. Ik kreeg een appje van een vriend die de hond aan het uitlaten was en langs liep. ‘Klinkt al best goed’, stond erin. Of dat nu cynisch was of niet, interessanter is dat het betreffende huis in een tuinbouwgebied staat; ik stond 3 muren en een meter of 25 van de weg waar die vriend liep…
Tijdens de eerste lessen was ik me nog niet zo bewust van dat enorme volume - en de onmogelijkheid om het instrument te dempen. Ik zat nog in de fase dat het een uitdaging was om überhaupt geluid uit het apparaat te krijgen, en was blij als dat met overtuiging lukte. Inmiddels is volume produceren niet meer het probleem, de beheersing ervan des te meer.
‘Ja, als je net begint is het moeilijk niet heel hard te spelen. Dat herken ik van toen ik vroeger zelf trompet speelde’, zij mijn bovenbuurvrouw vorige week gelukkig vol begrip, toen ik haar voorzichtig vroeg naar de eventuele overlast die ze van mijn oefensessies hadden. Vooral hun dochters - ze hebben een tweeling, die kunnen samen overigens minimaal hetzelfde volume produceren - moeten er nog een beetje aan wennen. Pas had het indringende geluid één van hen een keer laten huilen, vertelde de buurvrouw. Nu probeer ik veel emotie te leggen in mijn spel, maar ik vrees niet dat dit van ontroering was geweest…
Tja, ik moet toch kunnen oefenen... Inmiddels heb ik wel bedacht hoe ik mijn onervarenheid in deze fase in mijn voordeel kan gebruiken. Naast het produceren van een mooi geluid, zit ik ook nog volop in het proces van noten leren lezen en spelen. En dat kan ook prima zonder geluid, ben ik achter gekomen. Ik zet gewoon de voorbeeldmuziek aan en laat met mijn vingers op de maat met de juiste knoppen meebewegen. Met mijn lippen in volledige rust op het mondstuk. Bijkomende voordelen: ik raak niet buiten adem, ik hoef me niet te ergeren aan mijn eigen valse noten en kan er - zoals bij het alom bekende luchtgitaar spelen, maar dan mét instrument in mijn handen - wel gewoon een stoere houding bij aannemen. Ik had om noten te leren lezen natuurlijk ook gewoon kunnen beginnen met blokfluit mét geluid, maar dan had die stoere houding een stuk moeilijker geweest…
Natuurlijk blijf ik tijdens mijn lessen bij saxschool RCL - een beetje reclame verdient Rachel wel - en in eerdergenoemd vrijstaand huis gewoon geluid produceren. Ik zie de ‘notentraining’ vooral als aanvullende hersentraining; zoals een fanatieke hardloper zijn buikspieren traint met extra sessies. Overigens zijn buikspieren, net als longinhoud, bij saxofoon spelen misschien wel net zo belangrijk als bij hardlopen. Alleen hoef ik ze voor dat doel schijnbaar niet extra te trainen. Mijn lerares zei me pas nog nooit een beginnende leerling te hebben gehad die haar qua volume overblaast… Dat heb ik dus ook nog eens tegen. Al schijn ik van die kracht ooit ook voordeel te gaan ervaren.
De uitvinder van dit complexe en luidruchtige apparaat is Adolphe Sax. Wikipedia leert dat ook hij in eerste instantie huiverig was om zich helemaal te geven. Maar hij wilde juist wél gehoord en niet gezien worden:
(...) Op de Brusselse industrietentoonstelling van 1841 gaf Sax een eerste officiële auditie van zijn creatie: de saxofoon. Maar aangezien de saxofoon nog niet gepatenteerd was, speelde Sax achter een gordijn, zodat niemand kon zien welk instrument die goddelijke klanken voortbracht (...)
Het doet een beetje aan The Voice denken; een variant met blaasinstrumenten - The Blow? - zou ook best een leuk concept kunnen zijn. Voor mij zou deelname voorlopig niet weggelegd zijn. De enige die zich voor mij zal omdraaien is waarschijnlijk Adolphe Sax in zijn graf. Maar dan had-ie dat ding maar niet zo’n hard geluid moeten geven.
zondag 22 januari 2017
Oud
Inmiddels is het al weer ruim 11 maanden geleden dat ik mijn laatste wedstrijd liep. En 6 jaar na mijn eerste blogpost. Sinds die post volgden er duizenden kilometers, honderden trainingen en tientallen wedstrijden. Helaas leverden die uiteindelijk meer blessures op dan PR’s.
Sinds mijn ‘wiebelknie’ is het hollen en stilstaan…Nu ik er over nadenk zakken mijn problemen wel steeds verder af: knie, kuit, enkel, voet… en morgen ga ik naar het ziekenhuis voor… mijn teennagel! (Al geeft die vooral klachten in een klimschoen; waar je hardloopschoenen vaak 2 maten te groot koopt, is het bij klimmen juist de bedoeling je tenen zo weinig mogelijk ruimte te geven. Vragen om problemen natuurlijk.) Zou het daar dan eindelijk ophouden, of is het een cyclus die van bovenaf weer opnieuw begint? En moet ik dit jaar extra waakzaam zijn niet te struikelen en hard op mijn hoofd te belanden…?
Master
Ach, het heeft vast iets met ouderdom te maken. Ik ben inmiddels 35: dat betekent dat ik bij officiële wedstrijden zelfs al in een andere leeftijdscategorie val. In plaats van senior ben ik vanaf nu master. Op zich nog een geluk dat de atletiekbond een paar jaar geleden besloot deze Engelse term te gaan hanteren; voorheen werd je op je 35e al veteraan genoemd. Nu zou ik die titel met bovengenoemde hoeveelheid kilometers op de teller op zich ook waarmaken, maar een beetje pijn doet het wel.
Misschien is die ouderdom ook wel een (onbewuste) reden voor mijn nieuwe hobby’s: saxofoon spelen en, sinds vorige week, theatersport. Nieuwe dingen leren; een mooie manier om tenminste de geest jong te houden. In combinatie met nog steeds hardlopen en klimmen, en af en toe de sportschool of een tochtje wielrennen, hoef ik nog niet achter de geraniums te gaan zitten. Ik kan nu eenmaal slecht tegen stil zitten. Gelukkig zijn er voldoende voorbeelden die aantonen dat je lang, heel lang kunt blijven hardlopen…
Maar ja, dan moet het dus wel een keer ophouden met die pijntjes... Gelukkig kost het me - mede dankzij mijn voorliefde voor metaforen - niet veel moeite om willekeurig welke activiteit in verband te brengen met hardlopen: zo kan ik tijdens blessures in ieder geval blijven bloggen (zonder het alléén maar over die blessures zelf te hebben). Het is soms een beetje vrij associëren en improviseren, maar daar komt de theatersport dan weer goed bij van pas.
Wijsheid
Echter, ik tik het voorzichtig, inmiddels gaat ook het hardlopen zelf weer steeds beter. Dit weekend heb ik – ik denk voor het eerst sinds New York – zelfs weer eens een duurloop van bijna 1,5 uur gedaan. En dat min of meer pijnvrij. Voldoende om me weer eens in te schrijven voor de City Pier City Loop in Den Haag, heb ik besloten. Verstandig was misschien geweest om mijn gestel eerst nog eens te testen in een 10 km wedstrijd, voor me meteen aan een halve marathon te wagen. Wijsheid komt met de jaren, zou je zeggen. Maar wijsheid is misschien ook wel om soms minder verstandig te zijn…
En zo heb ik opeens weer een hardloopdoel. Nog 7 weken en dan loop ik mijn eerste wedstrijd als master. Met dezelfde relaxte insteek als de CPC van 2014, maar tot op mijn oude botten gemotiveerd. Ik zal de jongere generatie eens laten zien dat ik nog niet ben afgeschreven!
Sinds mijn ‘wiebelknie’ is het hollen en stilstaan…Nu ik er over nadenk zakken mijn problemen wel steeds verder af: knie, kuit, enkel, voet… en morgen ga ik naar het ziekenhuis voor… mijn teennagel! (Al geeft die vooral klachten in een klimschoen; waar je hardloopschoenen vaak 2 maten te groot koopt, is het bij klimmen juist de bedoeling je tenen zo weinig mogelijk ruimte te geven. Vragen om problemen natuurlijk.) Zou het daar dan eindelijk ophouden, of is het een cyclus die van bovenaf weer opnieuw begint? En moet ik dit jaar extra waakzaam zijn niet te struikelen en hard op mijn hoofd te belanden…?
Master
Ach, het heeft vast iets met ouderdom te maken. Ik ben inmiddels 35: dat betekent dat ik bij officiële wedstrijden zelfs al in een andere leeftijdscategorie val. In plaats van senior ben ik vanaf nu master. Op zich nog een geluk dat de atletiekbond een paar jaar geleden besloot deze Engelse term te gaan hanteren; voorheen werd je op je 35e al veteraan genoemd. Nu zou ik die titel met bovengenoemde hoeveelheid kilometers op de teller op zich ook waarmaken, maar een beetje pijn doet het wel.
Misschien is die ouderdom ook wel een (onbewuste) reden voor mijn nieuwe hobby’s: saxofoon spelen en, sinds vorige week, theatersport. Nieuwe dingen leren; een mooie manier om tenminste de geest jong te houden. In combinatie met nog steeds hardlopen en klimmen, en af en toe de sportschool of een tochtje wielrennen, hoef ik nog niet achter de geraniums te gaan zitten. Ik kan nu eenmaal slecht tegen stil zitten. Gelukkig zijn er voldoende voorbeelden die aantonen dat je lang, heel lang kunt blijven hardlopen…
![]() |
| De legendarische Britse hardloper Ed Whitlock, die eind vorig jaar nog het wereldrecord op de marathon verbrak in de categorie 85+ (onder de 4 uur!) (lees artikel) |
Maar ja, dan moet het dus wel een keer ophouden met die pijntjes... Gelukkig kost het me - mede dankzij mijn voorliefde voor metaforen - niet veel moeite om willekeurig welke activiteit in verband te brengen met hardlopen: zo kan ik tijdens blessures in ieder geval blijven bloggen (zonder het alléén maar over die blessures zelf te hebben). Het is soms een beetje vrij associëren en improviseren, maar daar komt de theatersport dan weer goed bij van pas.
Wijsheid
Echter, ik tik het voorzichtig, inmiddels gaat ook het hardlopen zelf weer steeds beter. Dit weekend heb ik – ik denk voor het eerst sinds New York – zelfs weer eens een duurloop van bijna 1,5 uur gedaan. En dat min of meer pijnvrij. Voldoende om me weer eens in te schrijven voor de City Pier City Loop in Den Haag, heb ik besloten. Verstandig was misschien geweest om mijn gestel eerst nog eens te testen in een 10 km wedstrijd, voor me meteen aan een halve marathon te wagen. Wijsheid komt met de jaren, zou je zeggen. Maar wijsheid is misschien ook wel om soms minder verstandig te zijn…
En zo heb ik opeens weer een hardloopdoel. Nog 7 weken en dan loop ik mijn eerste wedstrijd als master. Met dezelfde relaxte insteek als de CPC van 2014, maar tot op mijn oude botten gemotiveerd. Ik zal de jongere generatie eens laten zien dat ik nog niet ben afgeschreven!
zondag 15 januari 2017
Klauteren en racen door een notenbalk
TIK TIK tik tik tik tik...
Daar gaan we weer. Samengeknepen lippen, onderlip iets naar binnen, mondhoeken gekruld. Niet te hard blazen, niet te zacht. Vooral niet forceren. Ik moet denken aan het mantra van mijn eerste hardlooptrainer. 'Mooi lopen'. Mooi spelen dus. Maar het fijne van hardlopen is dat je één ritme hebt, en dat de enige melodie waar je mee te maken kunt hebben uit een oortelefoontje komt. 'Noten leren lezen is net een taal leren.' Dat is het mantra van mijn eerste saxofoonlerares. Dat zou mij toch moeten liggen. Maar met mijn ogen die horizontaal en verticaal hun weg proberen te vinden over het papier, voelt het voor mij meer als navigeren - en dat is nou niet bepaald een kwaliteit van mij...
De beat die me begeleidt doet me denken aan de voorgeprogrammeerde deuntjes die vroeger uit het keyboard van mijn moeder kwamen. Toen deed ik er gekke dansjes op, nu zorgen ze voor houvast. Maar ook voor druk. De eindtijd staat al vast, maar verder niets. Het gaat niet om snelheid maar om ritme. Niet om kracht maar om souplesse. Toch is het ook hard werken. Terwijl mijn hersenen kraken om de signalen door te geven aan mijn vingers, worden mijn kaakspieren geteisterd door de variërende toonhoogtes. Wat bij het hardlopen voor mijn bovenbenen geldt, speelt nu voor mijn kaken: hoe stijler omhoog, des te zwaarder voor de spieren. Van een G naar een C: dat voel je wel...
Daar is ie-weer: de G-sleutel. Ik vind het nog steeds een raar ding. Was een muziekstuk maar net zo overzichtelijk als een klimwand: daar zijn de grepen weliswaar oneindig divers en de routes onvoorspelbaar, maar volg je uiteindelijk gewoon een kleurtje. Bovendien kun je regelmatig uitrusten en word je continue gezekerd. Als ik nu een verkeerde noot speel ben ik meteen de draad kwijt; dan kan ik net zo goed helemaal overnieuw beginnen. Gelukkig duurt een liedje vaak maar een minuut of 3 of 4. Al ben ik aan een volledig liedje voorlopig sowieso nog niet toe. Laat staan een heel optreden...
Nog één regel. Dit relatief eenvoudige stuk lijk ik nu redelijk onder de knie te hebben. Maar in de toekomst staan me onder meer nog 'driedubbel gepunteerde noten' te wachten, zo las ik in Noten lezen voor dummies. Ga ik dit instrument ooit echt beheersen? Ik zoek maar weer de parallel met het sporten. Er waren tijden dat ik me moeilijk kon voorstellen ooit een 6B te klimmen of een marathon te lopen... Aandacht er bij houden nu; de beat dendert voort. Ik voel me opgejaagd alsof ik tijdens het laatste stuk naar een finishlijn nog bijna wordt ingehaald. Bij het bereiken van de laatste noot voel ik me net zo opgelucht als bij het vastklampen van de laatste greep van een klimroute. Voldaan blaas ik mijn laatste adem uit.
Daar gaan we weer. Samengeknepen lippen, onderlip iets naar binnen, mondhoeken gekruld. Niet te hard blazen, niet te zacht. Vooral niet forceren. Ik moet denken aan het mantra van mijn eerste hardlooptrainer. 'Mooi lopen'. Mooi spelen dus. Maar het fijne van hardlopen is dat je één ritme hebt, en dat de enige melodie waar je mee te maken kunt hebben uit een oortelefoontje komt. 'Noten leren lezen is net een taal leren.' Dat is het mantra van mijn eerste saxofoonlerares. Dat zou mij toch moeten liggen. Maar met mijn ogen die horizontaal en verticaal hun weg proberen te vinden over het papier, voelt het voor mij meer als navigeren - en dat is nou niet bepaald een kwaliteit van mij...
De beat die me begeleidt doet me denken aan de voorgeprogrammeerde deuntjes die vroeger uit het keyboard van mijn moeder kwamen. Toen deed ik er gekke dansjes op, nu zorgen ze voor houvast. Maar ook voor druk. De eindtijd staat al vast, maar verder niets. Het gaat niet om snelheid maar om ritme. Niet om kracht maar om souplesse. Toch is het ook hard werken. Terwijl mijn hersenen kraken om de signalen door te geven aan mijn vingers, worden mijn kaakspieren geteisterd door de variërende toonhoogtes. Wat bij het hardlopen voor mijn bovenbenen geldt, speelt nu voor mijn kaken: hoe stijler omhoog, des te zwaarder voor de spieren. Van een G naar een C: dat voel je wel...
Daar is ie-weer: de G-sleutel. Ik vind het nog steeds een raar ding. Was een muziekstuk maar net zo overzichtelijk als een klimwand: daar zijn de grepen weliswaar oneindig divers en de routes onvoorspelbaar, maar volg je uiteindelijk gewoon een kleurtje. Bovendien kun je regelmatig uitrusten en word je continue gezekerd. Als ik nu een verkeerde noot speel ben ik meteen de draad kwijt; dan kan ik net zo goed helemaal overnieuw beginnen. Gelukkig duurt een liedje vaak maar een minuut of 3 of 4. Al ben ik aan een volledig liedje voorlopig sowieso nog niet toe. Laat staan een heel optreden...
Nog één regel. Dit relatief eenvoudige stuk lijk ik nu redelijk onder de knie te hebben. Maar in de toekomst staan me onder meer nog 'driedubbel gepunteerde noten' te wachten, zo las ik in Noten lezen voor dummies. Ga ik dit instrument ooit echt beheersen? Ik zoek maar weer de parallel met het sporten. Er waren tijden dat ik me moeilijk kon voorstellen ooit een 6B te klimmen of een marathon te lopen... Aandacht er bij houden nu; de beat dendert voort. Ik voel me opgejaagd alsof ik tijdens het laatste stuk naar een finishlijn nog bijna wordt ingehaald. Bij het bereiken van de laatste noot voel ik me net zo opgelucht als bij het vastklampen van de laatste greep van een klimroute. Voldaan blaas ik mijn laatste adem uit.
zondag 13 november 2016
Een nieuw geluid
Ik heb op deze blog al heel wat resultaten gedeeld. Niet alleen de mooie PR’s en mijn enkele overwinning, ook de teleurstellende uitslagen en die ene keer dat ik ben uitgevallen. Met het openbaar maken van dit soort resultaten heb ik niet zo’n moeite – de tijden staan bovendien toch al ergens op een website, deze link online zetten vind ik wat spannender…
Toch ben ik na slechts 1 saxofoonles al best trots op dit resultaat! De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dit wel de beste take was. Helaas voor de buren (en hun buren - wat een volume komt er uit zo'n sax!) bleef het voor hen niet beperkte tot deze 33 seconden… Ik heb de afgelopen dagen heel wat herrie door de dunne muren van mijn jaren ’30 huis getoeterd. Een bonte verzameling van hoge en lage tonen, schel gepiep en toonloos geblaas. Mijn 'publiek' zou waarschijnlijk niet zeggen dat mijn repertoire nog maar uit 1 nummer bestaat.
Hoe dan ook: ik vind het leuk! De juiste plaatsing van de lippen, opgetrokken mondhoeken, precies hard genoeg blazen. Om enigszins prettig geluid uit het apparaat te krijgen moet alles kloppen. En dan probeer ik tussendoor óók nog even noten te leren lezen.
Met het thuis oefenen kan ik mijn trainingshart nu weer ophalen. Discipline en techniek zijn immers precies de dingen die niet meer van belang zijn bij het hardlopen, nu mijn voetblessure me nog beperkt tot af en toe een rondje joggen.
Joggen. Dat ik dat woord nog eens zou gebruiken… Ik overweeg zelfs mijn snelle ‘tight’ en lichtgewicht jasje in te ruilen voor een jogging broek en een hoodie. Geen versnellingen, geen horloge: in een rustig tempootje lekker mijn gedachten laten gaan. Helaas nestelt zicht de laatste tijd wel telkens één kort maar irritant deuntje in mijn hoofd…
Toch ben ik na slechts 1 saxofoonles al best trots op dit resultaat! De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dit wel de beste take was. Helaas voor de buren (en hun buren - wat een volume komt er uit zo'n sax!) bleef het voor hen niet beperkte tot deze 33 seconden… Ik heb de afgelopen dagen heel wat herrie door de dunne muren van mijn jaren ’30 huis getoeterd. Een bonte verzameling van hoge en lage tonen, schel gepiep en toonloos geblaas. Mijn 'publiek' zou waarschijnlijk niet zeggen dat mijn repertoire nog maar uit 1 nummer bestaat.
Hoe dan ook: ik vind het leuk! De juiste plaatsing van de lippen, opgetrokken mondhoeken, precies hard genoeg blazen. Om enigszins prettig geluid uit het apparaat te krijgen moet alles kloppen. En dan probeer ik tussendoor óók nog even noten te leren lezen.
Met het thuis oefenen kan ik mijn trainingshart nu weer ophalen. Discipline en techniek zijn immers precies de dingen die niet meer van belang zijn bij het hardlopen, nu mijn voetblessure me nog beperkt tot af en toe een rondje joggen.
Joggen. Dat ik dat woord nog eens zou gebruiken… Ik overweeg zelfs mijn snelle ‘tight’ en lichtgewicht jasje in te ruilen voor een jogging broek en een hoodie. Geen versnellingen, geen horloge: in een rustig tempootje lekker mijn gedachten laten gaan. Helaas nestelt zicht de laatste tijd wel telkens één kort maar irritant deuntje in mijn hoofd…
zondag 30 oktober 2016
Rijdende zaken
Met pijn in het hart heb ik deze week toch maar de baan opgezegd. Niet míjn baan, maar de 400 meter lange tartan baan waar je zo lekker rondjes over kunt rennen. Waar je zo goed op je techniek en snelheid kunt letten en in een hele fijne flow kunt raken. Een baan die ik kortom heel erg ga missen. Maar waar ik met mijn blessure weinig anders meer te zoeken heb dan 'vrijwillige' bardienst draaien in het naastgelegen clubhuis.
Ethisch vraagstuk
Voor die voet heb ik nog altijd goede hoop op volledige genezing, voor mijn auto was dat na de APK vorige maand anders. Ik had hem nog kunnen redden met een ultieme levensverlengende ingreep, maar liep tegen een lastig ethisch vraagstuk aan. De technische wetenschap ontwikkelt zich razendsnel en monteurs hebben de kennis en middelen om het einde lang te blijven uitstellen, maar op een gegeven moment denk je: hoe veel is een autoleven nog waard...
Ik besloot na enige aarzeling - ingegeven door mijn zuinigheid en het feit dat ik helemaal niets met auto's 'heb' - op zoek te gaan naar een nieuwe bolide en kwam terecht in de wondere wereld van occasions. Proefritten, kilometerstanden, elektrische ramen voor én achter... In de strijd met verkopers en andere geïnteresseerden voelde het al snel als een sport om onder tijdsdruk een maximaal resultaat te bereiken. Helaas is een auto kopen wel vooral een denksport. Ik ben weliswaar een denker en houd erg van sporten, maar ik houd die werelden graag gescheiden.
Koppendraaier
Uiteindelijk kocht ik deze week een Toyota Yaris. 'Geen koppendraaier', gaf de verkoper eerlijk toe. 'Het is geen auto waar mensen hun hoofd in bewondering voor zullen omdraaien', beantwoordde hij mijn vragende blik. Prima voor mij, want verder rijdt hij natuurlijk 'als een zonnetje', is hij 'altijd bij deze garage in onderhoud geweest', kon hij 'echt niets met de prijs doen' en was de uiteindelijke korting écht het maximale 'omdat hij er anders niks op zou verdienen'.
Ik heb mijn eerste kilometers er inmiddels op zitten. Inderdaad draait hij weinig koppen, maar komt dat door zijn niet zo flitsende uiterlijk, of doordat half Nederland in een Yaris rijdt, waar het op lijkt nu ik er op let? Hoe dan ook bevalt hij tot nu toe prima. En toch: de fiets zal ook met deze luxe voor de deur mijn favoriete vervoermiddel blijven. Of nee, eigenlijk is dat de benenwagen... Het is denk ik een soort oergevoel: beweging hoort inspanning te kosten. Wat dat betreft zou ik ook nog de atletiekbaan kunnen verruilen voor de racebaan; autoracen schijnt fysiek loodzwaar te zijn, en dan kan ik toch mijn rondjes blijven draaien...
Nee, ik heb genoeg andere nieuwe hobby's in mijn gedachten waar ik wél voor warm, uh... loop. Daar heb ik al langer weer wat meer tijd voor, en met mijn nieuwe auto nu ook een grotere actieradius. Born to Run blijft mijn lijflied, maar voorlopig denk ik: The Road Ahead is Empty!
Ethisch vraagstuk
Voor die voet heb ik nog altijd goede hoop op volledige genezing, voor mijn auto was dat na de APK vorige maand anders. Ik had hem nog kunnen redden met een ultieme levensverlengende ingreep, maar liep tegen een lastig ethisch vraagstuk aan. De technische wetenschap ontwikkelt zich razendsnel en monteurs hebben de kennis en middelen om het einde lang te blijven uitstellen, maar op een gegeven moment denk je: hoe veel is een autoleven nog waard...
Ik besloot na enige aarzeling - ingegeven door mijn zuinigheid en het feit dat ik helemaal niets met auto's 'heb' - op zoek te gaan naar een nieuwe bolide en kwam terecht in de wondere wereld van occasions. Proefritten, kilometerstanden, elektrische ramen voor én achter... In de strijd met verkopers en andere geïnteresseerden voelde het al snel als een sport om onder tijdsdruk een maximaal resultaat te bereiken. Helaas is een auto kopen wel vooral een denksport. Ik ben weliswaar een denker en houd erg van sporten, maar ik houd die werelden graag gescheiden.
Koppendraaier
Uiteindelijk kocht ik deze week een Toyota Yaris. 'Geen koppendraaier', gaf de verkoper eerlijk toe. 'Het is geen auto waar mensen hun hoofd in bewondering voor zullen omdraaien', beantwoordde hij mijn vragende blik. Prima voor mij, want verder rijdt hij natuurlijk 'als een zonnetje', is hij 'altijd bij deze garage in onderhoud geweest', kon hij 'echt niets met de prijs doen' en was de uiteindelijke korting écht het maximale 'omdat hij er anders niks op zou verdienen'.
Ik heb mijn eerste kilometers er inmiddels op zitten. Inderdaad draait hij weinig koppen, maar komt dat door zijn niet zo flitsende uiterlijk, of doordat half Nederland in een Yaris rijdt, waar het op lijkt nu ik er op let? Hoe dan ook bevalt hij tot nu toe prima. En toch: de fiets zal ook met deze luxe voor de deur mijn favoriete vervoermiddel blijven. Of nee, eigenlijk is dat de benenwagen... Het is denk ik een soort oergevoel: beweging hoort inspanning te kosten. Wat dat betreft zou ik ook nog de atletiekbaan kunnen verruilen voor de racebaan; autoracen schijnt fysiek loodzwaar te zijn, en dan kan ik toch mijn rondjes blijven draaien...
Nee, ik heb genoeg andere nieuwe hobby's in mijn gedachten waar ik wél voor warm, uh... loop. Daar heb ik al langer weer wat meer tijd voor, en met mijn nieuwe auto nu ook een grotere actieradius. Born to Run blijft mijn lijflied, maar voorlopig denk ik: The Road Ahead is Empty!
zaterdag 15 oktober 2016
Onder de 2 uur? Lekker boeiend!
Gisteravond besteedde Nieuwsuur weer eens aandacht aan die regelmatig terugkerende discussie in de sportjournalistiek: is het mogelijk de marathon binnen 2 uur te lopen? (Huidig wereldrecord: 2.02.57) Aanleiding om het hier opnieuw over te hebben was de marathon van Amsterdam morgen, al werd aan het einde van de reportage nog even gemeld dat dit parcours sowieso geen kans zou maken op een toptijd. De betreffende atleet zal in ieder geval over een betere timing moeten beschikken dan de redactie van Nieuwsuur...
Hoe dan ook blijft het een interessante discussie. Wat mij betreft niet zo zeer óf het mogelijk is, maar meer dat we er zo'n punt van maken. Want wat zegt het nou eigenlijk als een mens dit kan bereiken? Het zegt dat hij (of zij, laat ik alle opties open houden) gedurende 42.195 meter een tempo kan lopen van 21,1 kilometer per uur. Dat is ontzettend knap, maar tegelijkertijd een vrij willekeurige prestatie.
Magische grenzen
In het item wordt de vergelijking getrokken met andere magische grenzen in de hardloopsport. In 1954 liep Roger Bannister voor het eerst een mijl in 4 minuten. Inmiddels staat het wereldrecord op 3.43.13 maar is de mijl op grote internationale kampioenschappen volledig vervangen door de 1.500 meter. Op die afstand staat het wereldrecord op 3.26. Op naar de 3 minuten!
Waarschijnlijk zal er in de atletiek nooit meer een magischer grens zijn dan die van 10 seconden op de 100 meter, doorbroken door Jim Hines in 1968. De vrouwen hebben die mijlpaal nog wél voor de boeg. Gek eigenlijk dat dáár geen reportages over worden gemaakt...
Een tempo van 21,1 kilometer is heel erg hard, zeker gedurende 2 uur, maar we vieren het straks alleen omdat ze bij de Olympische Spelen van Londen in 1908 om organisatorische (!) redenen besloten de afstand van 25 mijl naar 26 mijl te verlengen. En uiteindelijk werd de officiële lengte 42.195 meter, wat omgerekend 26,21875(...) mijl is. Het is zogenaamd een 'historische' afstand, maar als je er over nadenkt...
Euro
Het zijn maar getallen, net als geldbedragen. Dat ook die maar relatief zijn bleek wel na de invoering van de Euro. Vóór 2002 wist ik precies wat een goede prijs was voor een krat bier. En wilde ik maximaal 100 gulden uitgeven aan een spijkerbroek. Daarna was het - nog los van de stiekeme prijsverhogingen rond die tijd - weer zoeken naar nieuwe normen en grenzen. Wat meteen aangaf hoe relatief die eigenlijk zijn... Ook voor een zak appels van, pak hem beet, 1,59...
Misschien loopt er over 10 jaar een vroeg gescoute, op de juiste genen geselecteerde atleet met hoogcalorische superdrankjes en op ultradunne op maat gemaakte schoenen naar een tijd van onder de 120 minuten. Het zou fantastisch zijn, maar zou het net zo'n boeiend schouwspel opleveren als een paar weken geleden in Berlijn, toen de ene topfavoriet de andere aanviel en na een ultieme eindsprint 7 seconden bóven het wereldrecord bleef?
Hopelijk krijgen we morgen ook zo'n strijd te zien. Met die grens van 2 uur hoeven we ons dus niet bezig te houden, maar natuurlijk houden we een schuin oog op de klok. Misschien dat er wel een parcoursrecord in zit...
Hoe dan ook blijft het een interessante discussie. Wat mij betreft niet zo zeer óf het mogelijk is, maar meer dat we er zo'n punt van maken. Want wat zegt het nou eigenlijk als een mens dit kan bereiken? Het zegt dat hij (of zij, laat ik alle opties open houden) gedurende 42.195 meter een tempo kan lopen van 21,1 kilometer per uur. Dat is ontzettend knap, maar tegelijkertijd een vrij willekeurige prestatie.
Magische grenzen
In het item wordt de vergelijking getrokken met andere magische grenzen in de hardloopsport. In 1954 liep Roger Bannister voor het eerst een mijl in 4 minuten. Inmiddels staat het wereldrecord op 3.43.13 maar is de mijl op grote internationale kampioenschappen volledig vervangen door de 1.500 meter. Op die afstand staat het wereldrecord op 3.26. Op naar de 3 minuten!
Waarschijnlijk zal er in de atletiek nooit meer een magischer grens zijn dan die van 10 seconden op de 100 meter, doorbroken door Jim Hines in 1968. De vrouwen hebben die mijlpaal nog wél voor de boeg. Gek eigenlijk dat dáár geen reportages over worden gemaakt...
Een tempo van 21,1 kilometer is heel erg hard, zeker gedurende 2 uur, maar we vieren het straks alleen omdat ze bij de Olympische Spelen van Londen in 1908 om organisatorische (!) redenen besloten de afstand van 25 mijl naar 26 mijl te verlengen. En uiteindelijk werd de officiële lengte 42.195 meter, wat omgerekend 26,21875(...) mijl is. Het is zogenaamd een 'historische' afstand, maar als je er over nadenkt...
Euro
Het zijn maar getallen, net als geldbedragen. Dat ook die maar relatief zijn bleek wel na de invoering van de Euro. Vóór 2002 wist ik precies wat een goede prijs was voor een krat bier. En wilde ik maximaal 100 gulden uitgeven aan een spijkerbroek. Daarna was het - nog los van de stiekeme prijsverhogingen rond die tijd - weer zoeken naar nieuwe normen en grenzen. Wat meteen aangaf hoe relatief die eigenlijk zijn... Ook voor een zak appels van, pak hem beet, 1,59...
Misschien loopt er over 10 jaar een vroeg gescoute, op de juiste genen geselecteerde atleet met hoogcalorische superdrankjes en op ultradunne op maat gemaakte schoenen naar een tijd van onder de 120 minuten. Het zou fantastisch zijn, maar zou het net zo'n boeiend schouwspel opleveren als een paar weken geleden in Berlijn, toen de ene topfavoriet de andere aanviel en na een ultieme eindsprint 7 seconden bóven het wereldrecord bleef?
Hopelijk krijgen we morgen ook zo'n strijd te zien. Met die grens van 2 uur hoeven we ons dus niet bezig te houden, maar natuurlijk houden we een schuin oog op de klok. Misschien dat er wel een parcoursrecord in zit...
zondag 25 september 2016
Op mijn lijstje
Veel mensen hebben ‘een
lijstje’. Die willen nog wel eens naar Japan. Of reageren instemmend op een kennis
die naar Cuba is geweest: ‘Die staat ook nog op mijn lijstje.’ Zelf ben ik niet
zo van dat soort wensenlijstjes. Dat zou je een gebrek aan dromen kunnen noemen,
maar ook een open blik. Zo heb ik me de afgelopen maanden nog laten verrassen
door Rotterdam - waar ik toch al ontelbare keren geweest was, maar ook door de charme van een afgelegen natuurcamping in Duitsland.
Hoe dan ook, mocht ik een
lijstje met gewenste reisbestemmingen hebben gehad, dan zou ik daar dit jaar
heel wat vinkjes voor hebben kunnen zetten. Op het moment dat ik dit tik vlieg ik terug
uit Moskou, precies een jaar geleden mocht ik voor werk naar Brazilië en eerder
dit jaar was ik voor het eerst in Rome en – echt waar, ook voor het eerst - Engeland. Ik heb het
afgelopen jaar meer kilometers gevlogen dan meters hardgelopen…
Buikje
Het is een groot voorrecht zoveel van de wereld te mogen zien, en dat soms zelfs in de tijd van de baas, maar tijdens het reizen is het sportieve en gezonde ritme waar ik zo van houd een hele uitdaging. Nu snap ik wat beter waar dat buikje van de gemiddelde zakenman vandaan komt... Nu zal dat bij mij niet zo’n vaart lopen, en bovendien ben ik momenteel toch nergens serieus voor aan het trainen, maar een beetje fit blijven is toch wel lekker.
Het is een groot voorrecht zoveel van de wereld te mogen zien, en dat soms zelfs in de tijd van de baas, maar tijdens het reizen is het sportieve en gezonde ritme waar ik zo van houd een hele uitdaging. Nu snap ik wat beter waar dat buikje van de gemiddelde zakenman vandaan komt... Nu zal dat bij mij niet zo’n vaart lopen, en bovendien ben ik momenteel toch nergens serieus voor aan het trainen, maar een beetje fit blijven is toch wel lekker.
En hoe zeer ik
er ook principieel op tegen ben – lopen is een buitensport! - de loopband in het hotel blijkt vaak een heel nuttig
alternatief. Zo was het in Brazilië vorig jaar te gevaarlijk om ’s ochtend vroeg alleen
naar buiten te gaan en bij een eerdere reis naar China te heet en te vochtig om je überhaupt op straat te bewegen. Dan leer je Nederland
weer extra waarderen, al weet je niet hoe de terreurdreiging en klimaatverandening
zich verder ontwikkelen...
In Rusland was mijn
excuus voor het gebruik van de loopband mijn nog steeds tere voetje. Een loopband is dan net
wat veiliger dan een rondje Rode Plein. Dan doel ik niet op de politieke
situatie, maar meer op de ongelijk aangelegde klinkers.
Wat wel een beetje jammer is van de loopband: in tegenstelling tot de straten of landschappen buiten is hij overal hetzelfde. Wat dat betreft maakte het cyrillische schrift dit exemplaar dan nog vrij bijzonder. Gelukkig werken die fitnessapparaten vrij intuïtief, want op
het vroege tijdstip dat ik me in het fitness-hok meldde was er verder niemand te
bekennen die me kon helpen met een gebruiksaanwijzing.
Mijn enige gezelschap was die jongen in de spiegel - wat is dat toch dat ze fitnessruimtes altijd volhangen met spiegels?! - die me zo gelukkig aankeek. Want al was het maar een sessie van 15 minuten en al was het in een sfeerloos zweethok, ik kreeg er bijna runner's high van. Bij het afstappen leek ik zelfs nog even door te zweven, maar dat zal wel iets biomechanisch zijn. Of zou er toch wodka in die watertanks gezeten hebben...?
Mijn enige gezelschap was die jongen in de spiegel - wat is dat toch dat ze fitnessruimtes altijd volhangen met spiegels?! - die me zo gelukkig aankeek. Want al was het maar een sessie van 15 minuten en al was het in een sfeerloos zweethok, ik kreeg er bijna runner's high van. Bij het afstappen leek ik zelfs nog even door te zweven, maar dat zal wel iets biomechanisch zijn. Of zou er toch wodka in die watertanks gezeten hebben...?
Douane
Ok, dat was een inkoppertje. Maar meer grappen zal ik niet maken over de Russen, want het zijn hele aardige mensen. (En we gaan zo landen: ik wil natuurlijk wel gewoon zonder problemen de douane doorkomen... Met al dat reizen word ik zo langzamerhand vast extra in de gaten gehouden. Eerlijk gezegd heb ik al een paar keer het idee gehad dat die ventilatieknop zich langzaam naar me toe draait...)
Ok, dat was een inkoppertje. Maar meer grappen zal ik niet maken over de Russen, want het zijn hele aardige mensen. (En we gaan zo landen: ik wil natuurlijk wel gewoon zonder problemen de douane doorkomen... Met al dat reizen word ik zo langzamerhand vast extra in de gaten gehouden. Eerlijk gezegd heb ik al een paar keer het idee gehad dat die ventilatieknop zich langzaam naar me toe draait...)
---
Inmiddels ben ik weer in
Nederland en tik ik deze laatste woorden. Heel toevallig is vandaag de marathon
van Moskou gelopen. Met daadwerkelijk een rondje op het Rode Plein. En vanochtend
vond een spectaculaire editie plaats van de marathon van Berlijn, waar ik drie
weken geleden nog was en mezelf al onder de Brandenburger Tor zag doorlopen.Het is dat ik niet aan lijstjes doe…
Abonneren op:
Posts (Atom)




