De laatste training zit erop: wat rest is rust nemen, koolhydraten stapelen, mijn koffer pakken en de tijd doden met inspirerende, praktische en historische YouTube-filmpjes over de marathon die ik over 4 dagen ga lopen. Om te beginnen met een andere betekenis van 'runners's high'.
Een mooi middel om de route alvast in mijn hoofd prenten. Je zou zeggen dat fout lopen tijdens een marathon onmogelijk is, maar nee hoor... In 1994 presteerde de Mexicaan German Silva het om 900 meter voor de finish in koppositie een verkeerde kant op te lopen.
Uiteindelijk wist hij alsnog met 2 seconden verschil te winnen. In 1995 won hij opnieuw in New York, maar van zijn bijnaam 'Wrong Way Silva' kwam hij nooit meer af. Twintig jaar later loopt iedereen gewoon met zijn eigen GPS-horloge. En wordt alles vastgelegd met GoPro's en selfie sticks.
Zonde van de energie en de beleving, denk ik persoonlijk. Maar misschien stop ik zelf wel een blocnootje tussen mijn gelletjes en joint; ik betwijfel of ik 3,5 tot 4 uur aan ervaringen en indrukken allemaal kan onthouden. De spierpijn zal me in ieder geval wel weer lang bijblijven.
Als ik bovenstaande beelden zo zie zal de journalist in mij zich waarschijnlijk moeten inhouden om niet direct na de finish interviews te gaan houden met mede-lopers. Want wat zullen er een hoop mooie verhalen achter die 50.000 mensen schuilen...
Maar laat ik eerst maar mijn eigen verhaal schrijven. Ik las onlangs deze blogpost van ruim 4 jaar geleden terug. Het gaat gebeuren, die tweede marathon. Ik ben er ontzettend klaar voor en heb er ongelooflijk veel zin in.
woensdag 28 oktober 2015
zondag 11 oktober 2015
Geheim wapen
Waar dénk je dan al die tijd aan? Dat wordt me nog wel eens gevraagd als ik vertel over mijn lange trainingen in het weekend. Bij duurlopen van 3 uur, zoals die van vandaag, kan ik me op zich wel iets bij die vraag voorstellen.
Het antwoord? Niet zo veel eigenlijk... En dat is best fijn, voor een denker als ik! Waar mijn hoofd anders nog wel eens een woelige zee van gedachten is, verandert dat met hardlopen in een spiegelglad meertje, met af en toe een rimpeling door iets dat onverwacht aan de oppervlakte komt.
Wat er dan zoal naar boven komt drijven? Bijvoorbeeld een vriend die ik te lang niet gesproken heb en toch weer eens moet bellen, of zo maar ineens een ingeving die te maken heeft met werk, of de titel van een film die me de dag ervoor ondanks heel hard nadenken maar niet te binnen wilde schieten. En soms het onderwerp voor mijn volgende blogpost...
Blijkbaar werkt het toch ontspannend, dat hardlopen. Over runner's high is al veel gezegd en geschreven; deze week verschenen er weer nieuwe inzichten in het nieuws: hardlopen doet hetzelfde voor je hersenen als cannabis. (Iemand die in zijn eigen wereldje lekker high zit te wezen vraag je toch ook niet waar die aan denkt?)
Volgens de wetenschappers onderdrukt de lichaamseigen stof die bij hardlopen extra vrijkomt mogelijk ook het pijngevoel. Ik vraag me dan toch af hoe een verzurende sprint of marathon zónder die pijnbestrijding voelt... Hoe dan ook lijkt het effect wisselend: vandaag deed mijn duurloop gelukkig veel minder zeer dan vorige week, toen ik wel wat extra verdoving kon gebruiken.
Misschien moet ik in New York maar een joint (ver)stoppen tussen mijn gelletjes voor onderweg. Gewoon voor de zekerheid.
Het antwoord? Niet zo veel eigenlijk... En dat is best fijn, voor een denker als ik! Waar mijn hoofd anders nog wel eens een woelige zee van gedachten is, verandert dat met hardlopen in een spiegelglad meertje, met af en toe een rimpeling door iets dat onverwacht aan de oppervlakte komt.
Wat er dan zoal naar boven komt drijven? Bijvoorbeeld een vriend die ik te lang niet gesproken heb en toch weer eens moet bellen, of zo maar ineens een ingeving die te maken heeft met werk, of de titel van een film die me de dag ervoor ondanks heel hard nadenken maar niet te binnen wilde schieten. En soms het onderwerp voor mijn volgende blogpost...
Blijkbaar werkt het toch ontspannend, dat hardlopen. Over runner's high is al veel gezegd en geschreven; deze week verschenen er weer nieuwe inzichten in het nieuws: hardlopen doet hetzelfde voor je hersenen als cannabis. (Iemand die in zijn eigen wereldje lekker high zit te wezen vraag je toch ook niet waar die aan denkt?)
Volgens de wetenschappers onderdrukt de lichaamseigen stof die bij hardlopen extra vrijkomt mogelijk ook het pijngevoel. Ik vraag me dan toch af hoe een verzurende sprint of marathon zónder die pijnbestrijding voelt... Hoe dan ook lijkt het effect wisselend: vandaag deed mijn duurloop gelukkig veel minder zeer dan vorige week, toen ik wel wat extra verdoving kon gebruiken.
Misschien moet ik in New York maar een joint (ver)stoppen tussen mijn gelletjes voor onderweg. Gewoon voor de zekerheid.
zondag 4 oktober 2015
Examenstress
Ken je dat jongetje dat vroeger op school altijd zei dat hij niet geleerd had voor zijn proefwerk, en vervolgens wel een 8 haalde? Zo voelde ik me vorige week een beetje bij de Rijk Zwaan Loop in 's-Gravenzande.
Het was mijn eerste wedstrijd in 4 maanden; de focus had de afgelopen tijd vooral gelegen op heel blijven en afstanden maken. Bij het uitwisselen van voorspellingen met collega's voorafgaand aan de start (een mooie traditie), temperde ik dan ook de verwachtingen. Net zo goed voor mezelf als voor anderen. 'Een tempo van 4:30 zou al heel mooi zijn.' De snelste Rijk Zwaan'er? (ook een mooie traditie) 'Nee, daar ga ik dit keer echt niet vanuit.'
Wat schetste echter mijn verbazing bij de doorkomst na 1 kilometer? Met twee vingers in de neus 4:00. Wat blijft het toch lastig aan het begin een goed tempo te kiezen... Dat belooft nog wat voor de start in New York; daar zit in de eerste mijl ook nog eens 40 meter hoogteverschil. Hoewel die 4:00 in 's-Gravenzande natuurlijk wel veel te snel was - in de tweede helft moesten die vingers toch echt uit mijn neus -, lag mijn tijd uiteindelijk maar anderhalve minuut boven mijn PR van vorig jaar. Gezien het gebrek aan wedstrijdritme toch wel een 8 waard zou ik zeggen...
Al met al had mijn zelfvertrouwen er in ieder geval een boost van gekregen. Na een actieve maar relatief rustige trainingsweek was het dit weekend weer tijd voor een lange duurloop. Vaak een klusje voor de zaterdag- of zondagochtend (je moet die 3 uur toch kwijt kunnen), maar dit keer besloot ik voor de vrijdagmiddag te gaan. Op tijd vrij van werk, een heerlijk zonnetje, weinig wind; zulke omstandigheden heb je maar zelden. Ik had er zin in.
Het werd een slijtageslag.
De eerste 10 mijl - ik moet er toch alvast aan wennen - gingen nog best lekker, maar met de mijlen namen vervolgens ook de pijntjes toe. Waar de pijn zich bij lange duurlopen normaal gesproken concentreert in mijn bovenbenen, werd die nu vergezeld cq afgeleid door kramp in mijn kuiten, last van mijn schouder, een uitgedroogd gevoel, een misselijkheidsaanval na een gelletje, een blaar op mijn kleine teen, steken in mijn zij en gewoon pure vermoeidheid- en toen moest de hoofdpijn (van het vochttekort?) later die dag nog komen. De teller stopte na 31,3 km; zo ongeveer het punt waar de marathon pas echt gaat beginnen, maar waar ik nu al dolblij was mijn voordeur weer te hebben bereikt.
Conclusie? Toch maar weer gaan twijfelen of ik op tijd klaar ben voor New York? Zeker niet! Ik heb 3 dertigers gelopen - daar had ik een paar weken geleden sowieso al voor getekend -, ben fit, heb inmiddels aardig wat ervaring en in elke voorbereiding hoort een slechte training. Als er één plek is waar ik in mezelf moet geloven is het toch wel de Verenigde Staten! Zoals de groot Amerikaans dichter en filosoof Ralph Waldo Emerson (1803-1882) al schreef:
Bovendien is succes straks een relatief begrip; ik hoef die 42 kilometer 'alleen maar' uit te lopen. Een 5,5 is ook een voldoende. Zelfs als ik er 5,5 uur over doe... Helaas houdt de vergelijking met een examen hier wel op. Want waar je je vroeger op school uitputtend kon voorbereiden - door talloze wiskundesommetjes te oefenen of tot in den treure Duitse naamvallen te stampen - blijft 42 kilometer hardlopen los van de voorbereiding een onvoorspelbaar avontuur. En van een herkansing is op korte termijn al helemaal geen sprake...
De spanning stijgt. Nog 4 weken!
Het was mijn eerste wedstrijd in 4 maanden; de focus had de afgelopen tijd vooral gelegen op heel blijven en afstanden maken. Bij het uitwisselen van voorspellingen met collega's voorafgaand aan de start (een mooie traditie), temperde ik dan ook de verwachtingen. Net zo goed voor mezelf als voor anderen. 'Een tempo van 4:30 zou al heel mooi zijn.' De snelste Rijk Zwaan'er? (ook een mooie traditie) 'Nee, daar ga ik dit keer echt niet vanuit.'
Wat schetste echter mijn verbazing bij de doorkomst na 1 kilometer? Met twee vingers in de neus 4:00. Wat blijft het toch lastig aan het begin een goed tempo te kiezen... Dat belooft nog wat voor de start in New York; daar zit in de eerste mijl ook nog eens 40 meter hoogteverschil. Hoewel die 4:00 in 's-Gravenzande natuurlijk wel veel te snel was - in de tweede helft moesten die vingers toch echt uit mijn neus -, lag mijn tijd uiteindelijk maar anderhalve minuut boven mijn PR van vorig jaar. Gezien het gebrek aan wedstrijdritme toch wel een 8 waard zou ik zeggen...
| Uitslag Rijk Zwaan Loop 2015: 1.08.48 |
Al met al had mijn zelfvertrouwen er in ieder geval een boost van gekregen. Na een actieve maar relatief rustige trainingsweek was het dit weekend weer tijd voor een lange duurloop. Vaak een klusje voor de zaterdag- of zondagochtend (je moet die 3 uur toch kwijt kunnen), maar dit keer besloot ik voor de vrijdagmiddag te gaan. Op tijd vrij van werk, een heerlijk zonnetje, weinig wind; zulke omstandigheden heb je maar zelden. Ik had er zin in.
Het werd een slijtageslag.
De eerste 10 mijl - ik moet er toch alvast aan wennen - gingen nog best lekker, maar met de mijlen namen vervolgens ook de pijntjes toe. Waar de pijn zich bij lange duurlopen normaal gesproken concentreert in mijn bovenbenen, werd die nu vergezeld cq afgeleid door kramp in mijn kuiten, last van mijn schouder, een uitgedroogd gevoel, een misselijkheidsaanval na een gelletje, een blaar op mijn kleine teen, steken in mijn zij en gewoon pure vermoeidheid- en toen moest de hoofdpijn (van het vochttekort?) later die dag nog komen. De teller stopte na 31,3 km; zo ongeveer het punt waar de marathon pas echt gaat beginnen, maar waar ik nu al dolblij was mijn voordeur weer te hebben bereikt.
Conclusie? Toch maar weer gaan twijfelen of ik op tijd klaar ben voor New York? Zeker niet! Ik heb 3 dertigers gelopen - daar had ik een paar weken geleden sowieso al voor getekend -, ben fit, heb inmiddels aardig wat ervaring en in elke voorbereiding hoort een slechte training. Als er één plek is waar ik in mezelf moet geloven is het toch wel de Verenigde Staten! Zoals de groot Amerikaans dichter en filosoof Ralph Waldo Emerson (1803-1882) al schreef:
Bovendien is succes straks een relatief begrip; ik hoef die 42 kilometer 'alleen maar' uit te lopen. Een 5,5 is ook een voldoende. Zelfs als ik er 5,5 uur over doe... Helaas houdt de vergelijking met een examen hier wel op. Want waar je je vroeger op school uitputtend kon voorbereiden - door talloze wiskundesommetjes te oefenen of tot in den treure Duitse naamvallen te stampen - blijft 42 kilometer hardlopen los van de voorbereiding een onvoorspelbaar avontuur. En van een herkansing is op korte termijn al helemaal geen sprake...
De spanning stijgt. Nog 4 weken!
zondag 20 september 2015
Best of
De planning was om dit weekend mijn tweede '30K' te lopen. Ik had al een grote ronde uitgestippeld en er zelfs een soort van zin in. Een paar dagen geleden begon ik me echter steeds slechter te voelen door een serieuze verkoudheid. Bij het opstaan 's ochtends voelde een duurloop van 30 kilometer nog niet echt als een reële optie.
Als alternatief ging ik eerst maar eens een vertrouwd rondje in de buurt lopen. Dat ging nog verrassend goed! Zodanig dat ik nog een rondje besloot te maken, nu een ander vast parcours vlakbij huis. Ook die ging boven verwachting, waarna ik ook mijn derde vaste trainingsroute nog meepikte en via een soort 'best of' van looproutes alsnog aan de 30 kilometer kwam.
Best of's zijn niet per se altijd het best, dat geldt ook voor muziekalbums. (Vaste lezers van deze blog weten inmiddels wel dat ik van metaforen houd, mensen die mij kennen weten dat ik een groot muziekliefhebber ben.) Natuurlijk ontstaat een hit of favoriete trainingsroute om een reden. Je kunt ze blijven herhalen; echt vervelen gaan ze nooit. Maar de echte beleving zit in het ontdekken van iets nieuws, of als het 'om het echie' gaat.
Neem het concert van Bruce Springsteen in Madrid dat ik in 2012 bijwoonde. Samen met 80.000 wild enthousiaste Spanjaarden vooraan in het Bernabeu-stadion, waar mijn muzikale held een set vol verrassingen deed van 3 uur en 48 minuten. (Dit zou overigens een mooie streeftijd zijn in NY, maar dat terzijde). Een onvergetelijke ervaring, waar het afspelen van Bruce zijn 'Greatest Hits' maar schril bij afsteekt.
De marathon van New York zie ik op gebied van loopevenementen toch wel als het equivalent van het concert van Bruce Springsteen in Madrid. Het summum binnen z'n soort. De ultieme ervaring voor de liefhebber. Natuurlijk zie ik hierbij wel 2 gevaren: 1. De verwachtingen zijn zeer hoog. 2. Als die verwachtingen toch worden ingelost, hoe is dit dan ooit nog te overtreffen...?
Gelukkig hebben muziek en hardlopen als hobby's beide een enorme omvang en diversiteit. Na Madrid heb ik nog hele mooie concerten gezien, en na New York zullen nog vele nieuwe looproutes op me wachten. Klein en groot, dichtbij en ver weg, gepland en spontaan. En toch is het een fijn gevoel om altijd nog te kunnen terugvallen op de Best of...
Als alternatief ging ik eerst maar eens een vertrouwd rondje in de buurt lopen. Dat ging nog verrassend goed! Zodanig dat ik nog een rondje besloot te maken, nu een ander vast parcours vlakbij huis. Ook die ging boven verwachting, waarna ik ook mijn derde vaste trainingsroute nog meepikte en via een soort 'best of' van looproutes alsnog aan de 30 kilometer kwam.
Best of's zijn niet per se altijd het best, dat geldt ook voor muziekalbums. (Vaste lezers van deze blog weten inmiddels wel dat ik van metaforen houd, mensen die mij kennen weten dat ik een groot muziekliefhebber ben.) Natuurlijk ontstaat een hit of favoriete trainingsroute om een reden. Je kunt ze blijven herhalen; echt vervelen gaan ze nooit. Maar de echte beleving zit in het ontdekken van iets nieuws, of als het 'om het echie' gaat.
Neem het concert van Bruce Springsteen in Madrid dat ik in 2012 bijwoonde. Samen met 80.000 wild enthousiaste Spanjaarden vooraan in het Bernabeu-stadion, waar mijn muzikale held een set vol verrassingen deed van 3 uur en 48 minuten. (Dit zou overigens een mooie streeftijd zijn in NY, maar dat terzijde). Een onvergetelijke ervaring, waar het afspelen van Bruce zijn 'Greatest Hits' maar schril bij afsteekt.
De marathon van New York zie ik op gebied van loopevenementen toch wel als het equivalent van het concert van Bruce Springsteen in Madrid. Het summum binnen z'n soort. De ultieme ervaring voor de liefhebber. Natuurlijk zie ik hierbij wel 2 gevaren: 1. De verwachtingen zijn zeer hoog. 2. Als die verwachtingen toch worden ingelost, hoe is dit dan ooit nog te overtreffen...?
Gelukkig hebben muziek en hardlopen als hobby's beide een enorme omvang en diversiteit. Na Madrid heb ik nog hele mooie concerten gezien, en na New York zullen nog vele nieuwe looproutes op me wachten. Klein en groot, dichtbij en ver weg, gepland en spontaan. En toch is het een fijn gevoel om altijd nog te kunnen terugvallen op de Best of...
zondag 13 september 2015
Big City
Eerder schreef ik al over hardlopen in het buitenland en de charme daarvan. Ook afgelopen week tijdens mijn werktrip naar Brazilië gingen de loopschoenen mee. Hardlopen kun je immers altijd en overal. Toch? Dat leek hier in eerste instantie toch even tegen te vallen…
Sowieso konden mijn benen de eerste dagen na de 30 km in het Amsterdamse Bos nog wel wat rust gebruiken. Op maandag was de spierpijn nog zodanig dat ik nauwelijks in staat was om al weer normaal hard te lopen. Een gammele hometrainer in de fitnesszaal van het hotel bood uitkomst; daarop kon ik de boel in ieder geval nog een beetje losfietsen.
De volgende dag voelden mijn benen al weer een stuk beter en wilde ik wel weer wat kilometers proberen te maken. Maar wanneer, waar en hoe? Ik had elke dag een druk programma en ’s avonds was het vroeg donker en niet helemaal ongevaarlijk om alleen de straat op te gaan. Bovendien vielen er de hele dag door onweers- en zware regenbuien. Die eerste drempels om deze week te kunnen hardlopen had ik van tevoren wel verwacht, die laatste in Brazilië niet...
Gevaarlijk?
In tegenstelling tot het weer werkte het tijdsverschil met Nederland wel in mijn voordeel. Op woensdagochtend werd ik al rond half 6 wekker en was het voor het eerst in 48 uur weer eens droog. Maar wel donker. Uit het raam zag ik in het schijnsel van een lantaarnpaal een silhouet. Wat stond die man daar te doen? Het was dan wel niet Sao Paulo, maar ook kleine broer Campinas staat niet bekend als de meest veilige stad ter wereld… Het verstand won het van het hart, ik besloot toch maar weer verder te slapen.
Drie kwartier later werd ik echter al weer wakker en was het licht. Nu of nooit, ik had nog net een half uurtje voor het ontbijt. Let’s go! Maar waarheen? Ik had eerder al wel gezien dat de stad niet bepaald gemaakt is voor hardlopers; veel steile hellingen en oneffenheden en verkeer dat nergens voor stopt. En dan was er nog het risico te verdwalen in een onbekende omgeving. In mijn geval bestond het potentiële gevaar misschien nog wel vooral uit mijn (gebrek aan) richtingsgevoel en zwakke enkel…
Maar no guts, no glory! 1 keer rechts, 1 keer links, dat kon ik nog wel onthouden. Voorzichtig de bocht om, en... toen was daar opeens een park! Nou ja, een klein stadspleintje. Genoeg in ieder geval voor een klein interval-traininkje. Om en om een rondje snel en een rondje langzaam; zo maakte ik mijn eerste kilometers op Braziliaanse grond. Ik was niet overvallen, niet door mijn enkel gegaan, niet verdwaald, zelfs niet natgeregend; de werkdag kon beginnen!
Extra hellingen
Twee dagen later vond training nummer 2 plaats. Opnieuw 's ochtends voor het ontbijt. Dit keer zette ik mijn alarm ervoor en pakte ik nog wat extra hellingen mee; geen verkeerde oefening met het oog op de hoogteverschillen die ons in New York te wachten staan. Ruim 50 minuten later was ik vol energie weer in het hotel. In sportief opzicht was de week sowieso al geslaagd.
Zaterdag had ik nog een vrije ochtend in Sao Paulo. Met de gedachte aan de lange vlucht van die avond leek het me niet gek ook hier nog even de benen los te fietsen in de fitnesszaal. Door het raam van de twintigste verdieping zag ik in de verte indrukwekkende wolkenkrabbers, op de voorgrond lag een groot stadspark. Drie keer raden aan welke andere wereldstad dit me deed denken. Een inspirerend (voor)uitzicht om mijn trainingsstage mee af te sluiten.
Sowieso konden mijn benen de eerste dagen na de 30 km in het Amsterdamse Bos nog wel wat rust gebruiken. Op maandag was de spierpijn nog zodanig dat ik nauwelijks in staat was om al weer normaal hard te lopen. Een gammele hometrainer in de fitnesszaal van het hotel bood uitkomst; daarop kon ik de boel in ieder geval nog een beetje losfietsen.
De volgende dag voelden mijn benen al weer een stuk beter en wilde ik wel weer wat kilometers proberen te maken. Maar wanneer, waar en hoe? Ik had elke dag een druk programma en ’s avonds was het vroeg donker en niet helemaal ongevaarlijk om alleen de straat op te gaan. Bovendien vielen er de hele dag door onweers- en zware regenbuien. Die eerste drempels om deze week te kunnen hardlopen had ik van tevoren wel verwacht, die laatste in Brazilië niet...
Gevaarlijk?
In tegenstelling tot het weer werkte het tijdsverschil met Nederland wel in mijn voordeel. Op woensdagochtend werd ik al rond half 6 wekker en was het voor het eerst in 48 uur weer eens droog. Maar wel donker. Uit het raam zag ik in het schijnsel van een lantaarnpaal een silhouet. Wat stond die man daar te doen? Het was dan wel niet Sao Paulo, maar ook kleine broer Campinas staat niet bekend als de meest veilige stad ter wereld… Het verstand won het van het hart, ik besloot toch maar weer verder te slapen.
Drie kwartier later werd ik echter al weer wakker en was het licht. Nu of nooit, ik had nog net een half uurtje voor het ontbijt. Let’s go! Maar waarheen? Ik had eerder al wel gezien dat de stad niet bepaald gemaakt is voor hardlopers; veel steile hellingen en oneffenheden en verkeer dat nergens voor stopt. En dan was er nog het risico te verdwalen in een onbekende omgeving. In mijn geval bestond het potentiële gevaar misschien nog wel vooral uit mijn (gebrek aan) richtingsgevoel en zwakke enkel…
Maar no guts, no glory! 1 keer rechts, 1 keer links, dat kon ik nog wel onthouden. Voorzichtig de bocht om, en... toen was daar opeens een park! Nou ja, een klein stadspleintje. Genoeg in ieder geval voor een klein interval-traininkje. Om en om een rondje snel en een rondje langzaam; zo maakte ik mijn eerste kilometers op Braziliaanse grond. Ik was niet overvallen, niet door mijn enkel gegaan, niet verdwaald, zelfs niet natgeregend; de werkdag kon beginnen!
Extra hellingen
Twee dagen later vond training nummer 2 plaats. Opnieuw 's ochtends voor het ontbijt. Dit keer zette ik mijn alarm ervoor en pakte ik nog wat extra hellingen mee; geen verkeerde oefening met het oog op de hoogteverschillen die ons in New York te wachten staan. Ruim 50 minuten later was ik vol energie weer in het hotel. In sportief opzicht was de week sowieso al geslaagd.
Zaterdag had ik nog een vrije ochtend in Sao Paulo. Met de gedachte aan de lange vlucht van die avond leek het me niet gek ook hier nog even de benen los te fietsen in de fitnesszaal. Door het raam van de twintigste verdieping zag ik in de verte indrukwekkende wolkenkrabbers, op de voorgrond lag een groot stadspark. Drie keer raden aan welke andere wereldstad dit me deed denken. Een inspirerend (voor)uitzicht om mijn trainingsstage mee af te sluiten.
zaterdag 5 september 2015
Geslaagde test
dinsdag 1 september 2015
Relativiteitstheorie
In mijn duurloop van afgelopen zaterdag stopte de teller na 24 kilometer. Op zich al best een eind, maar als ik bedenk dat er straks nog 18 bij moeten om op 42 te komen... Misschien is het beter vanaf nu in mijlen te gaan denken. 15 van de 26 klinkt al een stuk positiever. Bij 20 is het eind immers in zicht! Toch?
Ach, alles is relatief. Wij zeggen dat je in de voorbereiding minimaal een aantal 'dertigers' moet hebben gelopen. Zouden ze in de VS zeggen dat je minimaal een paar keer de 18,64 mijl moet hebben gehaald? En dat een marathon eigenlijk pas na 21,75 mijl (= 35 km) begint?
Zelfs binnen het metrische stelsel is nog ruimte voor verschillende interpretaties. De ene loper meet zijn snelheid in aantal seconden per 100 m, een tweede zweert bij het aantal minuten per km, de derde denkt liever in kilometers per uur.
Eén ding is zeker: mijn duurloop zaterdag ging voor mijn doen langzaam, heel langzaam - zoals het hoort. Zelf ben ik van de 'minuten per km' en gemiddeld waren dat er zaterdag 5 met 40 seconden, ofwel 10,6 km/h.
Persoonlijk zegt mij dat dus niet zo veel, maar om toch een beetje een indruk te geven: dat is ongeveer drie keer zo langzaam als de 33 km/h van Dafne Schippers afgelopen weekend in haar gouden race, beter bekend als 21.63 seconden per 200 meter. En dat is dan weer exact twee keer zo hard als mijn 200'jes op de baan vorige week.
Maar goed, ik deed in die training dan wel een serie van 12, en komende zaterdag in Amsterdam doe ik er zelfs 150. Zonder pauzes! Laat Dafne dat maar eens proberen...
De dag na die trainingsloop zit ik overigens 12 uur in het vliegtuig naar Brazilië, of misschien moet ik zeggen 9.804 km. Ik weet nog niet zo goed wat minder vervelend klinkt...
In ieder geval ben ik blij met de KLM te gaan. Zelfs op de rug van 'flying Dutchwoman' Schippers zou ik er 9.804 / 33 = 297 uur over doen. Ofwel 12 dagen, wat dan wel weer een interessante hoogtestage zou zijn.
Maar gelukkig sta ik na 12 uur dus weer met beide benen op de grond. Al ligt die in Sao Paulo altijd nog 795 meter hoger dan in Nederland. Ook in New York loop ik straks op zeeniveau - even los van de vele bruggen -, al hoop ik daar natuurlijk wel tot grote hoogte te stijgen.
Waar ik in Sao Paulo wél alvast aan kan wennen is de tijdzone; die is namelijk bijna gelijk aan die van New York. Het is er om precies te zijn 5 uur vroeger dan in Nederland. Wat betekent dat de marathon daar opeens weer een klein stukje verder weg is...
Ach, alles is relatief. Wij zeggen dat je in de voorbereiding minimaal een aantal 'dertigers' moet hebben gelopen. Zouden ze in de VS zeggen dat je minimaal een paar keer de 18,64 mijl moet hebben gehaald? En dat een marathon eigenlijk pas na 21,75 mijl (= 35 km) begint?
Zelfs binnen het metrische stelsel is nog ruimte voor verschillende interpretaties. De ene loper meet zijn snelheid in aantal seconden per 100 m, een tweede zweert bij het aantal minuten per km, de derde denkt liever in kilometers per uur.
Eén ding is zeker: mijn duurloop zaterdag ging voor mijn doen langzaam, heel langzaam - zoals het hoort. Zelf ben ik van de 'minuten per km' en gemiddeld waren dat er zaterdag 5 met 40 seconden, ofwel 10,6 km/h.
Persoonlijk zegt mij dat dus niet zo veel, maar om toch een beetje een indruk te geven: dat is ongeveer drie keer zo langzaam als de 33 km/h van Dafne Schippers afgelopen weekend in haar gouden race, beter bekend als 21.63 seconden per 200 meter. En dat is dan weer exact twee keer zo hard als mijn 200'jes op de baan vorige week.
Maar goed, ik deed in die training dan wel een serie van 12, en komende zaterdag in Amsterdam doe ik er zelfs 150. Zonder pauzes! Laat Dafne dat maar eens proberen...
De dag na die trainingsloop zit ik overigens 12 uur in het vliegtuig naar Brazilië, of misschien moet ik zeggen 9.804 km. Ik weet nog niet zo goed wat minder vervelend klinkt...
In ieder geval ben ik blij met de KLM te gaan. Zelfs op de rug van 'flying Dutchwoman' Schippers zou ik er 9.804 / 33 = 297 uur over doen. Ofwel 12 dagen, wat dan wel weer een interessante hoogtestage zou zijn.
Maar gelukkig sta ik na 12 uur dus weer met beide benen op de grond. Al ligt die in Sao Paulo altijd nog 795 meter hoger dan in Nederland. Ook in New York loop ik straks op zeeniveau - even los van de vele bruggen -, al hoop ik daar natuurlijk wel tot grote hoogte te stijgen.
Waar ik in Sao Paulo wél alvast aan kan wennen is de tijdzone; die is namelijk bijna gelijk aan die van New York. Het is er om precies te zijn 5 uur vroeger dan in Nederland. Wat betekent dat de marathon daar opeens weer een klein stukje verder weg is...
Abonneren op:
Posts (Atom)





